Nieuws

Nieuwe huurwetgeving vanaf 1 januari

Te huur foto
Een huurovereenkomsten van korte duur kan vroegtijdig beëindigd worden. De opzegtermijn blijft ongewijzigd (3 maanden). Enkel de opzegvergoeding bij vroegtijdige opzeg wordt anderhalve maand, 1 maand of een halve maand huur naargelang de opzeg een einde neemt in jaar 1, 2 of 3.

Bij niet-registratie van de huur van korte duur kan de huurder nu ook zonder opzegvergoeding of –termijn de huurovereenkomst beëindigen. De huurder moet wel melding doen van zijn vertrek bij de eigenaar.

Het maximale bedrag van de huurwaarborg wordt opgetrokken naar 3 maanden huur. Dit kan niet meer via een bankwaarborg geregeld worden. Ook komt er een verjaringstermijn voor de vorderingen tot vrijgave van de huurwaarborg.

Overlijden van de huurder staat gelijk aan de ontbinding van het contract tenzij de erfgenamen binnen een bepaalde termijn de huurovereenkomst van de overleden persoon toch verder wensen te zetten.

Wat betreft de herstellingen aan een verhuurd pand is volgende regel van toepassing. De huurder is verantwoordelijk voor herstellingen die nodig zijn om het goed te bewonen als goede huisvader. Herstellingen door ouderdom of overmacht zijn ten laste van de verhuurder.

Als huurders getrouwd zijn of ze wonen wettelijk samen en ze beslissen om uit elkaar te gaan, dan zullen ze de eigenaar hiervan op de hoogte moeten brengen, ook als het pand door 1 van de huurders wordt verder gehuurd. Is de overeenkomst door beide getekend, dan kan de eigenaar tot 6 maanden na ontbinding deze “afgehaakte persoon” aanspreken voor de betaling van de huurprijs.

Alle informatie omtrent woninghuur Vlaanderen kan HIER gevonden worden.